Genetische analyse geeft aan dat wanneer Homo sapiens en Neanderthalers zich kruisten, het paringspatroon waarschijnlijk scheef was, waarbij mannelijke Neanderthalers en vrouwelijke Homo sapiens de paringen domineerden. Deze conclusie komt voort uit een onderzoek naar DNA-sporen van Neanderthalers en mensen op geslachtschromosomen, met name het X-chromosoom, waaruit een opvallend gebrek aan genetisch materiaal van Neanderthalers blijkt, ondanks wijdverbreide kruisingen tussen de twee soorten.
De genetische onbalans
Sinds het eerste bevestigde bewijs van kruising ongeveer 50.000 jaar geleden – en mogelijk eerder, tot 200.000 jaar geleden – is het duidelijk dat er genetische uitwisseling heeft plaatsgevonden. Tegenwoordig dragen niet-Afrikaanse populaties Neanderthaler-DNA bij zich, maar deze DNA-verdeling is ongelijkmatig. Onderzoekers van de Universiteit van Pennsylvania concentreerden zich op de menselijke en Neanderthaler X-chromosomen en merkten op dat het menselijke X-chromosoom vrijwel volledig vrij is van Neanderthaler DNA, een anomalie vergeleken met andere chromosomen.
Mogelijke verklaringen
In de studie werden verschillende mogelijke redenen voor deze onevenwichtigheid overwogen. De eerste, hybride incompatibiliteit, suggereert dat genetische verschillen tussen de soorten mogelijk hebben geleid tot gezondheids- of reproductieve problemen bij hybriden. Het Neanderthaler X-chromosoom bevat echter enig menselijk DNA, wat wijst op compatibiliteit. Natuurlijke selectie ten gunste van modern menselijk DNA is een andere mogelijkheid, gezien de grotere moderne menselijke populaties en de effectievere eliminatie van schadelijke mutaties. Toch bevindt het vastgehouden menselijke DNA op het Neanderthaler X-chromosoom zich voornamelijk in niet-functionele gebieden, waardoor deze verklaring wordt verminderd.
De voorkeurshypothese
De meest overtuigende verklaring is volgens de onderzoekers een paringsvoorkeur: mannelijke Neanderthalers gaven de voorkeur aan vrouwelijke Homo sapiens, vrouwelijke Homo sapiens gaven de voorkeur aan mannelijke Neanderthalers, of beide. Deze vooringenomenheid zou het waargenomen genetische patroon kunnen verklaren als Neanderthaler-mannetjes en menselijke vrouwtjes elkaar consequent zouden kiezen boven partners van hun eigen soort. De studie benadrukt dat dit de meest eenvoudige interpretatie is, hoewel niet kan worden vastgesteld of deze interacties op basis van consensus plaatsvonden.
Resterende vragen
Andere genetici blijven voorzichtig en wijzen erop dat alternatieve verklaringen niet volledig zijn uitgesloten. Bij de eerdere kruisingsgebeurtenis werden bijvoorbeeld de Neanderthaler Y-chromosomen volledig vervangen door menselijke chromosomen, wat duidt op een aanzienlijke betrokkenheid van menselijke mannen. Bovendien is de hybride incompatibiliteit mogelijk niet in beide richtingen gelijk geweest, en zouden malafide genetische elementen (meiotische drift) de genetische uitwisseling verder kunnen hebben verstoord door bij voorkeur bepaalde chromosomen door te geven.
De belangrijkste conclusie is dat het genetische bewijs sterk wijst op een niet-willekeurig paringspatroon in de kruising tussen Homo sapiens en Neanderthalers, hoewel de exacte redenen onzeker blijven.
Dit onderzoek benadrukt de complexe wisselwerking tussen biologie, gedrag en genetica bij het vormgeven van de evolutionaire geschiedenis van onze soort.























